Blog 1: het vooronderzoek

Voor deze ULP opdracht hebben wij het onderwerp ‘archeologie’ gekozen. Het is de bedoeling dat we een vierdelige lessenserie ontwerpen met de didactiek van het Onderzoekend en Ontwerpend Leren (OOL). Deze lessen zullen uitgevoerd worden op Montessorischool Steigereiland in groep 3/4/5, dit is de stageschool van Renée.

Na een interessant gesprek met archeologe dr. mevrouw Van Londen besloten we om ons te richten op historisch tijdsbesef. Dit houdt in dat kinderen andere tijden en culturen kunnen voorstellen. Tevens ontdekken ze dat ze zelf ook deel uitmaken van heden, verleden en toekomst. Kinderen ontdekken dus hun eigen historiciteit (SLO TULE, leerlijn tijdsbesef).

Ook willen we de leerlingen introduceren met archeologie, een woord dat de meeste leerlingen nog niet vaak hebben gehoord. Aan het eind van de lessenserie kunnen zij uitleggen wat een archeoloog doet en waar hij/zij allemaal mee te maken krijgt.

Deze kennisdoelen sluiten mooi aan op de onderzoeksvaardigheden die wij in de lessenserie willen verwerken. Een archeoloog stelt (zichzelf) veel vragen bij het onderzoeken van een gevonden voorwerp. Dit is een vaardigheid waar de leerlingen kennis mee gaan maken. Naast vragen stellen, moet een archeoloog ook goed kunnen waarnemen.

Op deze basisschool begint het vak geschiedenis in groep 6. Tot nu toe hebben de leerlingen in onze klas hier dus nog geen ervaring mee. Daarom beginnen we bij ‘het begin’ en zullen we gebruik maken van archeologische vondsten uit de prehistorie, zodat de leerlingen kennismaken met dit eerste tijdvak.

Om er achter te komen wat de beginsituatie van de leerlingen is als het aankomt op onderzoeksvaardigheden en historische- en archeologische kennis, hebben we een vooronderzoek gedaan. Daarbij maakten we gebruik van twee groepen leerlingen: de experimentele groep (leerlingen die de lessenserie zullen volgen) en een controlegroep (zij volgen deze lessenserie niet). Het vooronderzoek is opgesplitst in twee delen. Eerst onderzochten we de onderzoekvaardigheden ‘vragen stellen’ en ‘waarnemen’ van de leerlingen en vervolgens de kennis over archeologie.

Voor deel één lieten we de leerlingen in duo’s twee voor hun onbekende voorwerpen observeren en vroegen hen wat het zou kunnen zijn en waarom. De voorwerpen waren een gemberwortel en een uitklapbaar stoommandje. Vooral het stoommandje was voor veel leerlingen een groot raadsel.

Deel twee van het vooronderzoek was een kort vragengesprek met de leerlingen. Wij stelden de leerling verschillende vragen over archeologie. Op die manier kregen wij een duidelijk beeld van de kennis die de leerlingen al hebben over dit onderwerp.

Voor het beoordelen van de onderzoekvaardigheden ‘vragen stellen’ en ‘waarnemen’ maakten we gebruik van een tabel waarin deze vaardigheden zijn geclassificeerd, gebaseerd op De Vaan en Marell (2006, p. 280-282) met niveaus a tot en met e waarbij e het hoogst is.

Uit ons vooronderzoek kwam naar voren dat de onderzoeksvaardigheden van de leerlingen veelal overeenkwamen, namelijk niveau b. Qua vragen stellen houdt dit het volgende in: de leerling is uit op verklaringen, via vragen en onderzoek, maar de vragen zijn niet helder of operationeel. Voor het waarnemen betekent niveau b dat de leerling wel nieuwe dingen opmerkt aan het voorwerp, maar details ontgaan hem/haar veelal. Soms waren er leerlingen die duidelijk een hoger of lager niveau hadden. Zo ging de ene leerling van alles met het voorwerp doen om erachter te komen wat het is, en al spelende kwam de leerling achter steeds meer kenmerken en trok conclusies, terwijl er ook een leerling was die vrij stil bleef en niet veel verder kwam dan “Ik weet niet wat het is”.

De resultaten uit het andere deel van het vooronderzoek waren niet geheel verrassend. Vrijwel niemand wist ons duidelijk te vertellen wat een archeoloog doet/is/kan. Een enkeling wist dat het iets te maken had met oude dingen opgraven. Het ging dan vooral om oude botten van vroeger. Maar de meeste leerlingen wisten niet goed wat het was en hadden nog niet eerder van de term ‘archeologie’ gehoord.

Naar aanleiding van deze resultaten van ons vooronderzoek hebben we een lessenserie ontworpen die aansluit bij de beginsituatie van de leerlingen. We hebben gemerkt dat we er vooral rekening mee moeten houden dat veel leerlingen niets weten over archeologie en dat zij bij het onderzoeken van een voorwerp een nog wat terughoudende houding hebben.

Een reactie plaatsen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s