Les 1: Smaakstoffen

De eerste keer bovenbouw (voor Laura en Romee) en dat hebben wij onthouden. De les begon met rumoer. Drie docenten voor de klas is dan ook iets wat niet dagelijks voorkomt. Gelukkig hadden wij een goede introductie om de aandacht van de klas te krijgen, namelijk snoepbananen! Een onvergetelijke opmerking van een van de kinderen uit de klas was: “Suiker, suiker en nog een schepje suiker” (antwoord op wat er in de snoepbananen zat). De kinderen waren er al snel van overtuigd dat er geen echte banaan in het snoepje zat verwerkt.

Snoepbananen

Snoepbananen!

Achteraf gezien vragen wij ons af of het verstandig was om ze suiker te geven, want de leerlingen waren erg druk! Gelukkig waren ze wel druk met het onderwerp bezig en niet met andere zaken.

Na het snoepje uitgebreid te hebben bestudeerd en besproken was het tijd voor de uitleg van het proefje van vandaag. Het viel de kinderen namelijk gauw op dat er twee leerkrachten in de keuken thee aan het inschenken waren. Die thee was natuurlijk voor de proefjes!

Eén plastic bekertje was met stip en de andere zonder stip; in één zat suiker en in de ander zoetstof. De kinderen waren er van overtuigd dat het bekertje met stip suiker was:
“Ik vind suiker namelijk vies en dit ook.”
“Ik weet zeker dat dit suiker is, want in de winter drink ik na voetbal altijd thee met suiker en dit proeft hetzelfde.”

Na aandachtig naar de kinderen te hebben geluisterd hebben wij ze duidelijk gemaakt dat het grote deel van de klas ongelijk had en dat het bekertje met stip zoetstof was. Deze mededeling zorgde wel voor oproer in de klas, maar bij een onderzoekende les kan je ook niet verwachten dat het muisstil is.

De onderzoeksvraag voor het proefje was eigenlijk in hoeverre er verschil viel te proeven tussen thee met zoetjes of thee met suiker. Doordat iedereen verschil proefde, werd de vraag echter al snel: ‘Welke is de suiker?’. Dit hebben wij maar zo gelaten. Samen met de leerlingen hebben we in een grafiek geturfd wie er wel en geen verschil proefde én (spontaan aan de les toegevoegd) wie dacht dat het bekertje met stip suiker had en wie dacht dat er zoetjes in zaten.

Samen met de kinderen bespraken wij waarom er nou eigenlijk zoetstoffen gebruikt worden in de maatschappij. De kinderen kwamen, naar onze mening, met pientere antwoorden. “Tja, van zoetstoffen wordt je minder dik.” Ook kwamen ze met antwoorden zoals: “Er zijn verschillende zoetstoffen: je hebt chemische zoetstoffen, maar ook zoetstoffen uit een monster (extracten).” Samen hebben we voorbeelden bedacht voor ieder soort zoetstof.

Of de doelen bereikt zijn kunnen wij morgen pas zien, deze staan namelijk in het logboek! De leerlingen schrijven daarin over de les, beantwoorden vragen en hebben huiswerk meegekregen. Niet elke les verloopt vlekkeloos, dus ook bij deze les hadden wij een paar verbeterpunten. De volgende keer gaan we er op letten dat onderzoek echt bij onderzoek blijft en dat we niet ‘per ongeluk’ dingen gaan verklappen, maar dat de leerlingen echt zelf gaan ontdekken. Misschien zijn wij als docenten deze manier van lesgeven ook nog aan het ‘ontdekken’…

Romee, Freddie en Laura

UPvA jaar 2

Volgende bericht
Een reactie plaatsen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: