De snoepfabriek van Sinterklaas: evaluatie

2 januari 2014

De lessen zijn voorbij, dus het is tijd om ze te evalueren. Over het algemeen zijn we zeer tevreden over de lessen. De kinderen hadden zichtbaar plezier tijdens het uitvoeren van de proeven en de meeste kinderen zijn wijzer geworden op het gebied van smaken en proeven. De doelen die wij vooraf hadden opgesteld voor de kinderen zijn het product van het vooronderzoek dat uitgevoerd is in de twee klassen waar we later ook de lessen van de lessenserie hebben gegeven.

Zijn al deze doelen behaald? Hieronder een schema waarin alle doelen te zien zijn. Vervolgens zullen we per doel besprek of deze behaald is of niet en waarom.

Domein Doel(en)
Inhoud 1. Aan het eind van de lessenserie weten de leerlingen dat ze hun mond en neus gebruiken bij het proeven.
  2. Aan het eind van de lessenserie kunnen de leerlingen de smaken zoet, zout, zuur en bitter herkennen, ze van elkaar onderscheiden en categoriseren.
Taal 3. Aan het eind van de lessenserie kennen de kinderen de volgende woorden: zoet, zuur, bitter, zout, proeven, smaak, suiker, lekker, vies, diploma, Zwarte Piet, Sinterklaas, appel, peer, snoep, citroen, komkommer, augurk, lusten, honger, eten, kauwen en opeten.
  4. Aan het eind van de lessenserie weten de leerlingen dat de woorden ‘vies’ en ‘lekker’ geen definities van smaken zijn.
Attitude 5. Aan het van elke les hebben de leerlingen ieder minstens twee etenswaren geproefd.
  6. Aan het eind van de lessenserie weten de leerlingen dat je voor je kunt zeggen of iets ‘vies’ of ‘lekker’ is je eerst moet proeven.
Gedrag 7. Aan het eind van de lessenserie evalueren alle leerlingen hun eigen leren aan de hand van het proefpietendiploma.

De doelen 1, 4, 5, 6 en 7 zijn behaald, ondanks dat er voor de leerdoelen 6 en 7 geen concrete resultaten aanwezig zijn. De doelen 1, 4, 5 en 6 zijn behaald, omdat tijdens de laatste twee proeven van deze lessenserie iedereen geproefd heeft, behalve wanneer men allergisch was of geen varkensvlees mocht eten. Het is aan de kinderen tijdens de voorgaande drie lessen herhaaldelijk uitgelegd dat je eerst moet proeven voordat je kunt zeggen of iets ‘vies’ of ‘lekker’ is en dat deze woorden geen definities voor smaken zijn. Het behalen van de doelen 4, 5 en 6 is grotendeels te danken aan het feit dat de kinderen niet perse de etenswaren hoefden op te eten, maar er ook aan mochten likken en dan weggooien. Doel 7 kan als gehaald worden beschouwd aangezien ieder kind heeft deelgenomen aan de afrondende evaluatie aan de hand van het ‘proefpietendiploma’ samen met de leerkracht.

Doel twee is niet behaald aangezien niet ieder kind in staat was aan het eind van de lessenserie om de verschillende smaken te herkennen, onderscheiden en categoriseren. Het niet behalen van dit doel kent verschillende oorzaken. Allereerst is het doel op zich zeer ambitieus aangezien de smaken voor de meeste kinderen compleet nieuw waren. Tevens werd er behalve in de snoepfabriek geen aandacht besteed aan het onderwerp. Daarnaast leidden niet alle etenswaren tot een duidelijke specifieke smaak. Het derde doel omtrent de woordenschat van de kinderen is niet behaald aangezien er op de resultaten niet gebaseerd kan worden of ieder kind alle woorden kent. Een beter idee voor het meten van de groei in woordenschat zou een nulmeting zijn geweest (een test aan de hand van plaatjes om de kennis van woorden te testen bij een leerling om vervolgens aan het eind van de activiteit(en), gericht op de getoetste woorden, deze test weer te herhalen en de ontwikkeling in kaart te brengen).

Behalve het uitvoeren van een nulmeting zijn er meer verbeterpunten te noemen. De etenswaren die gebruikt worden dienen duidelijk één smaak te bevatten. Tijdens het uitvoeren van de lessenserie waren het vooral de kaas en de drop die voor verwarring onder de leerlingen zorgden. De kaas had geen duidelijke zoute smaak en de drop bevatte beide smaken (zoet en zout). Tevens is het belangrijk dat behalve in de snoepfabriek de leerlingen ook tijdens de andere activiteiten geconfronteerd worden met de begrippen en ontdekkingen omtrent het proeven. Een afsluitend kringgesprek aan het eind van de dag leent zich hier bijvoorbeeld voor. Daarnaast moet er meer tijd besteed worden aan het uitvoeren van de proeven en het bespreken van de resultaten, zodat de leerlingen duidelijke en logische conclusies kunnen formuleren.

Naast het evalueren van de leerdoelen hebben we ook de gebruikte observatie instrumenten geëvalueerd. Over het algemeen waren de observatie-instrumenten vaak te groot. We hadden beter een voor- en nameting kunnen uitvoeren om de resultaten van onze lessenserie te verzamelen. We hadden echter voor meer dan de helft van de doelen genoeg informatie om te kunnen zeggen of deze behaald zijn of niet. Al met al kunnen we met een goed gevoel terug kijken op de lessenserie. De kinderen hadden plezier, wij als leerkrachten hadden plezier, zo zou het geven en ontvangen van onderwijs moeten zijn.

 

Een reactie plaatsen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: